Toespraak minister Koenders bij Afrikadag
Uittreksel uit de toespraak van minister Koenders bij de Afrikadag van de Evert Vermeer stichting op 26 april 2009. Bron: Mininsterie van Buitenlandse Zaken.
Max, dames en heren, beste mensen, EVS’ers en anderen, doctor Hamlin and all the colleagues and guests from Africa,
Goed dat U er allemaal bent. Deze dag is – in al zijn bescheidenheid – belangrijk voor Nederland én voor Afrika. Maar deze dag is ook belangrijk voor eerlijke politiek, het thema van deze dag. Voor eerlijke politiek van én over ontwikkelingssamenwerking.......
....In de tussentijd gaat ons werk door en bereiken we resultaten. Resultaten waar we trots op mogen zijn. Ik ben zonder enige naïviteit zeer optimistisch. Resultaten ook die laten zien dat het kan, dat wij wel degelijk een verschil kunnen maken. Ik noemde in het begin al een paar, we zagen enorme vooruitgang in Afrika en Azië, maar er zijn veel meer hoopgevende voorbeelden. En ik zou zo graag willen dat de grootste OS-critici ze zouden bezoeken, want ik kan niet geloven dat ze daarna nog nut en noodzaak van OS in twijfel zouden trekken.
Een van de meest indrukwekkende projecten die ik heb bezocht is het Heal Africa ziekenhuis in Goma, waar vrouwen worden behandeld die gruwelijk zijn verminkt en verkracht. Het is onbeschrijfelijk hoeveel moed deze vrouwen hebben om door te gaan. De vrouwen die het ziekenhuis runnen trouwens ook, want zij werken in gevaarlijke omstandigheden en worden vaak zelf doelwit van geweld en bedreigingen.
Zoals bijvoorbeeld ook Justine Masika Bihamba, die vorig jaar – geheel terecht - de eerste Mensenrechtentulp kreeg uitgereikt. Dankzij haar organisatie ‘Samenwerking van Vrouwen voor de Slachtoffers van Seksueel Geweld’ worden deze slachtoffers bijgestaan met medische, psychosociale en juridische hulp. Zodat deze vrouwen een kans maken op re-integratie, op een nieuwe start. Door mensen als Justine wordt de roep van misbruikte Congolese vrouwen internationaal gehoord. Terwijl anderen werken aan vredesopbouw in de regio.
Dit zijn voorbeelden van uitzonderlijke, ontzaglijk sterke mensen die tegen de verdrukking in geweldige dingen voor elkaar krijgen.
Vandaag is in ieder geval ook zo’n uitzonderlijke vrouw in ons midden. Ik hoop dat u het niet erg vindt dat ik voor het laatste deel van mijn toespraak overschakel op het Engels.
In closing, I have the honour and pleasure to introduce a remarkable woman. A woman who, with un-tiring effort, has made a difference to the lives of thousands of women – women whose lives were ruined by a terrible condition: fistula.
Fifty years ago, Doctor Catherine Hamlin and her husband Reginald began their pioneering work in fistula treatment, which eventually led to the foundation of the Addis Ababa Fistula Hospital. The hospital provides treatment for women and girls with fistula resulting from childbirth or rape. Over 30,000 operations have been performed there. Women who cannot be operated on, can enter an education programme at the long-term care facility in Desta Mender, which means ‘village of joy’, 20 kilometres from Addis Ababa. There, they have the opportunity to learn how to earn their own income by tending livestock or growing crops, so that they can build an independent life in their own villages and regain their own pride.
Dr Hamlin’s achievements are an example to us all. She personifies the hands-on approach to the Millennium Development Goals in Ethiopia, and is a global ambassador of safe motherhood and good obstetric care.
Every day, people like Dr Hamlin, development workers, are in the front line of the fight against poverty. Sometimes, they risk their own lives trying to improve the lives of others, such as the MSF staff abducted in Somalia. They are out there in the field, doing the work that we will be talking about today. I would like to end, therefore, by paying homage to one of these development workers.
Ladies and gentlemen, please give a warm welcome to Dr Catherine Hamlin.
Thank you.





